Wie ‘stro’ zegt, hoort vaak meteen het woord ‘vocht’. En daarna: schimmel. Hardnekkige beelden die telkens terugkomen wanneer biobased isolatie ter sprake komt. Volgens expert Kristian Maters, medeoprichter van Prefab Strobouw, is dat misschien niet vreemd maar wel heel onterecht.
“Als ik bij klanten kom, heb ik bijna een vragenbingo,” zegt hij. “Vocht staat op één. Nummer twee: is stro wel brandveilig? En nummer drie: gaat stro niet inklinken? Deze drie vragen komen altijd terug, maar het begint vrijwel altijd met vocht.” In de campagne ‘Beren op de Weg’ staat daarom niet voor niets die eerste ‘beer’ centraal.


“Vocht is geen probleem dat door stro wordt veroorzaakt, maar door het bouwen,” benadrukt Maters. Daarmee raakt hij de kern. Vochtproblemen ontstaan volgens de expert vrijwel altijd door bouwdetails, uitvoering of bescherming tijdens de bouwfase en niet door het isolatiemateriaal zelf. “Als er vocht in een constructie komt, heb je bij elk isolatiemateriaal een probleem. Glaswol kan net zo goed beschimmelen wanneer het nat wordt. Het verschil zit dus niet in het materiaal, maar in hoe je bouwt.”
Een goede detaillering, bescherming tijdens de bouw en een doordachte opbouw van de constructie blijven dus essentieel. Dat geldt voor biobased bouwen net zo goed als voor conventionele bouw.
De overtuiging van Maters komt niet uit theorie, maar uit ervaring. Jaren geleden bouwde hij zijn eigen woning met stro, vanuit een sterke intrinsieke motivatie om duurzaam te bouwen. “Mijn vrouw en ik zochten naar het meest duurzame alternatief. Toen we eenmaal in ons huis woonden, merkten we hoe comfortabel, gezond en mooi het was. Dat gaf de overtuiging: hier wil ik verder mee.”
Samen met partner Niels ontwikkelde hij vervolgens een prefab bouwsysteem waarin stro wordt toegepast als isolatiemateriaal in houtskeletbouw. Inmiddels groeit de vraag snel en worden de projecten telkens groter. “Wat ooit begon als een stukje idealisme, ontwikkelt zich inmiddels tot een volwassen, schaalbare bouwmethode.”
Waar veel gangbare isolatiematerialen nauwelijks vocht opnemen, heeft stro een bijzondere eigenschap: het kan vocht tijdelijk bufferen en later weer afstaan. “Stro kan vocht opnemen en verspreiden door de constructie,” legt Maters uit. “Daardoor wordt het niet op één plek heel nat, maar blijft het vochtgehalte gelijkmatiger. Als de temperatuur stijgt, kan het vocht weer uitdampen. Je kunt het ook vergelijken met een katoenen of nylon-shirt. Een katoenen shirt neemt vocht op terwijl nylon niets opneemt.”
In een damp-open constructie helpt dat natuurlijke proces om de schil van het gebouw gezond en stabiel te houden. “Juist doordat stro met vocht kan omgaan, ontstaan minder snel kritische vochtconcentraties.” En als er toch vocht in komt? Maters trekt zijn schouders op. “In de praktijk kan isolatie nat worden. Dat geldt voor elk materiaal maar er is geen enkele reden tot paniek. Biobased isolatie heeft een hoog vochtbufferend vermogen. In een damp-open gebouw kan vocht weer uitdampen. Daardoor ontstaan minder snel schadelijke concentraties.” En als er eventueel toch herstel nodig is, kan het isolatiemateriaal altijd worden vervangen. “Maar vaak is dat niet nodig. Vocht is dus geen eindpunt, maar een beheersbaar onderdeel van het bouwproces.”
Schimmel ontstaat wanneer vocht langdurig op één plek blijft zitten. Juist daar heeft stro een voordeel. Doordat het vocht opneemt, verspreidt en weer afgeeft, ontstaan minder snel omstandigheden waarin schimmel kan groeien. “Daarnaast bevat stro van nature relatief veel silicaat,” legt hij uit. “Aan dat mineraal worden schimmelwerende eigenschappen toegeschreven, al loopt het onderzoek daarnaar nog. Praktijkervaring laat zien dat stro-constructies zich stabiel en duurzaam gedragen.”
Maters: “Stro is een natuurlijk isolatiemateriaal zonder chemische toevoegingen. Het vraagt weinig energie in productie, is herbruikbaar en volledig circulair. Ook de levensduur is indrukwekkend. Internationaal bestaan strogebouwen die al meer dan honderd jaar functioneren. “Mensen denken vaak dat stro minder veilig is,” zegt Maters. “Maar het tegenovergestelde is waar: het kan juist heel lang meegaan.”
Technisch staat stro stevig. Toch, zo weet Kristian Maters, blijven twijfels bestaan. Niet vanwege prestaties, maar simpelweg vanwege beeldvorming. “Biobased bouwen vraagt soms een andere manier van kijken. Niet vanuit risico, maar vanuit eigenschappen. Stro laat zien dat natuurlijke materialen robuust, gezond en toekomstbestendig kunnen zijn.” Wie zich erin verdiept, ontdekt dat de grootste ‘beer’ op de weg geen vocht is maar het vooroordeel daarover.
Laten we deze beren ook snel van de weg halen. Lees meer over:



